"Met het oog op een betere kennis van de antieke geschiedenis van Marokko", dat was het thema van het eerste Internationale Congres over het Moorse Amazigh-erfgoed van Marokko dat Fès van 29 tot 31 maart heeft gehuisvest. Georganiseerd door de Université Sidi Mohammed Ben Abdellah, de twee Faculteiten der Letteren en Humane Wetenschappen Dhar El Mehraz en Saïss en de vereniging "Medistone Maroc", in samenwerking met de vereniging "Les Amis de Volubilis", het Nationaal Instituut voor Archeologie en Erfgoedwetenschappen (INSAP), de regionale directie Cultuur van Fès-Boulemane en met de steun van de Franse ambassade in Rabat en de sectie Sefrou van de Vereniging van de bevolking van de bergen van de wereld (APMM), heeft deze wetenschappelijke manifestatie eminente protohistorici, historici en archeologen samengebracht. Met als belangrijkste doelstellingen het valoriseren van de antieke sites van Marokko en het bekendmaken van de geschiedenis van de pre-Romeinse periode, heeft dit colloquium het mogelijk gemaakt de balans op te maken van recent onderzoekswerk over de Moorse periode en perspectieven voor onderzoek naar de archeologie en de Moorse geschiedenis van Marokko op te zetten. "Dit colloquium beoogt in essentie het bevorderen van wetenschappelijk onderzoek op het gebied van het Moorse Amazigh-erfgoed en de presentatie van de verschillende werken die in dit kader zijn gerealiseerd. Inderdaad, deze Moorse periode is een essentiële component geweest in de opbouw van de Marokkaanse identiteit, waarvan de rijkdom, de pluraliteit en de sociale cohesie de sleutelwoorden zijn. Dit Moorse Amazigh-erfgoed, dat het resultaat is van een cumulatie van ervaringen, competenties en creativiteit door de tijd heen, vormt dus een link tussen de verschillende generaties en componenten van de samenleving. De valorisatie van dit erfgoed evenals de integratie ervan in het sociaal-economische ontwikkelingsproces blijven bijgevolg een noodzaak", legde Brahim Akdim, decaan van de Faculteit der Letteren en Humane Wetenschappen van Saiss in Fès, bij deze gelegenheid uit. In het kader van de werkzaamheden van deze wetenschappelijke manifestatie waren de conferenties en rondetafelgesprekken gearticuleerd rond de drie grote assen, namelijk de geschiedenis en de beschaving van West-Mauretanië (Antiek Marokko), architectuur en stedenbouw, evenals economie en numismatiek. Dit colloquium werd bovendien gekenmerkt door het eerbetoon aan Mostafa Ouachi, Mohamed Al Moubaker en Mohamed Makdoun, ex-professoren Oude Geschiedenis en archeologie aan de Faculteit der Letteren en Humane Wetenschappen Dhar El Mehraz in Fès, voor hun wetenschappelijke bijdrage aan het onderzoek naar de verschillende aspecten van de antieke Marokkaanse geschiedenis. Merk op dat in de marge van dit colloquium op 31 maart een bezoek aan de twee archeologische sites Banasa (Sidi Ali Bou Jnoun in de omgeving van Mechraâ Bel Ksiri) en Rirha (in de omgeving van Sidi Slimane) werd georganiseerd voor de deelnemers aan het colloquium.
Sinds de publicatie in 1943 van de studie van de Franse historicus Jérôme Carcopino "Volubilis, residentie van Juba en de Romeinse gouverneurs", is het archeologisch onderzoek naar het Moorse erfgoed van Marokko niet gestopt met zich uit te breiden in ruimte en tijd. Ze hebben aan de oppervlakte en in de diepte de aanwezigheid van nieuwe architecturale en stratigrafische gegevens onthuld die de kennis over het inheemse substraat van vele belangrijke sites in grote mate hebben vergroot. De uitputtende inventarisatie van deze diverse onderzoeken en veldwerkzaamheden, de analyse van hun inhoud en hun verspreiding op grote schaal zijn de afgelopen jaren een prioriteit geworden voor de betrokken specialisten.
Fournisseur / Bron : A.R., Le Matin